De opzet van dit gebouw als hoeve, versterkt de beschutting die de locatie van nature al biedt. Het gebouw is aan de buitenzijde als een “vriendelijk bolwerk” (gesloten) vormgegeven, aan de binnenzijde is het juist zeer open en heeft veel overdekte buitenruimte.
Paarden kunnen elkaar vanuit hun stallen zien en deels ook aanraken, zodat de opdrachtgeefster’s principes van “natural horsmanship” en wezenlijke eigenschappen van paarden in dit gebouw tot hun recht komen. De trainingshal is dusdanig open voor licht en wind, dat men als het ware buiten rijdt. De bovengrondse constructie is puur van hout en baksteen. Zoals (vrijwel) al onze gebouwen is het gebouw zeer damp-open en door natuurlijke ventilatietoevoer voorzien van een gezond binnenklimaat. Een warmtepompboiler wint warmte uit afvoerlucht terug, zonder kanalen en roosters te gebruiken. Een AGA-fornuis functioneert als bijverwarming.
De houtconstructie heeft forse houtmaten. Dat maakte het gebouw in aanbouw al zeer om van te genieten. De timmerlieden hebben er ook met veel plezier aan gewerkt,




